11 Januari “Bijbels Dagboek”

Ik vertrouw erop dat Hij Die in u een goed werk begonnen is, dat voltooien zal tot op de dag van Jezus Christus. Fil. 1:6

John Newton had zo nu en dan een terugkerend verlangen om zichzelf te verbeteren.1 [Newton’s] laatste hervorming was opmerkelijk; het lijkt op Luther2 (in zijn klooster) en Bunyan3 in hun streven naar vrede en voldoening. Newton zegt over deze tijd: “Ik begaf mij in de strengste godsdienstige kringen en leefde als een Farizeeër”. Hij las de Bijbel, mediteerde en bad het grootste gedeelte van de dag. Hij vastte dikwijls, onthield zich drie maanden lang van alle dierlijke spijzen, onttrok zich zo goed als van de samenleving, sprak nauwelijks nog verkeerde dingen, kortom, hij werd een strenge geheelonthouder. Hij probeerde zijn eigen gerechtigheid te verdienen, en ging daar meer dan twee jaar mee door. Toen, door het lezen van een niet christelijk boek, vond er een verandering plaats; zijn geloof wankelde en stond op het punt te verdwijnen. Hij zegt over die tijd: “Tenslotte, toen elke andere hoop op het punt stond mij te ontvallen, liet ik de hoop en de troost van het Evangelie varen”. Gedurende een bepaalde periode werden de vermaningen van het geweten door een aanhoudend afdwalen, zwakker en zwakker. En zo hield het uiteindelijk bijna geheel op, dit duurde maanden, zo niet jaren.4

Getrouwe en volhardende God, ik vraag U om dicht bij hen te zijn die ondanks al hun inspanningen wankelen in hun geloof. Want Heere, het geestelijk leven kan zo vaak een strijd en een worsteling zijn, een soort van “op en neer” ervaring. Soms lopen wij, Uw volk, weg en geven het op als we op de een of andere manier verleid worden, of als het te moeilijk wordt. Ontferm U over onze wispelturige neigingen met Uw onophoudelijke liefde. Leid ons, van ogenblik tot ogenblik. Help hen die strijden om door te vechten, ondanks alle hindernissen en obstakels. Christus U bent overwinnaar!


  1. Zie de 4de voetnoot van 5 Januari. John Newton’s intrede in een ervaring van genade en heiligheid was er een die langzaam en geleidelijk in moeizame fasen plaats vond. Het was geenszins een gebeurtenis van de ene op de andere dag. Hij voerde verschillende “hervormingen” door. In zijn latere leven begon hij soortgelijke getuigenissen van bekering bij anderen te respecteren (en soms zelfs te verkiezen). Hij beschouwde het als zijnde diep en blijvend, door bidden doordrenkt en geworteld in de praktijk van de geestelijke oorlogsvoering.
  2. Martin Luther (1483-1546), Duitse monnik, priester en theoloog; de vader van de Reformatie.
  3. John Bunyan (1628-88), Engelse puriteinse prediker en schrijver, waarschijnlijk het meest bekend door zijn boek The Pilgrim’s Progress.
  4. Uit John Newton: Matroos, Predikant, Pastoor, en Dichter.